Het Luisterpad
Gratis kennismaking Begeleiding op locatie Wandelgesprekken mogelijk Deskundige begeleider Ook online
Facebook Instagram LinkedIn

Mijn weg naar Het Luisterpad


Mijn betrokkenheid bij mantelzorg is eigenlijk heel vanzelfsprekend ontstaan

Ik ben een nakomeling en mijn broer en zus waren al uit huis toen ik nog jong was. Mijn moeder had geen rijbewijs en toen ik zelf mijn rijbewijs haalde, werd het steeds makkelijker om haar te helpen. Eerst waren het kleine dingen: ergens naartoe rijden, meegaan of iets regelen. Later kwamen daar steeds meer zorgtaken bij.

Toen de man van mijn moeder overleed, werd mijn rol als mantelzorger steeds groter. Ik ging vaker mee naar afspraken en het ziekenhuis en nam steeds meer voor haar uit handen. Omdat ik in de zorg werkte, was zorgen voor anderen voor mij ook heel vertrouwd. Ik wist veel van zorg en vond het eigenlijk vanzelfsprekend om er voor anderen te zijn.

En dat bleef niet alleen bij mijn moeder. Ook voor andere mensen in mijn omgeving ging ik steeds meer doen. Ik was er graag voor anderen en vond het moeilijk om nee te zeggen. Als iemand hulp nodig had, stond ik klaar.

Lange tijd voelde dat voor mij zelfs goed. Ik voelde me waardevol wanneer ik veel voor anderen kon betekenen. Als mensen mij nodig hadden of mij een compliment gaven, gaf mij dat een goed gevoel. Pas later begreep ik dat daar ook iets anders onder zat: door veel voor anderen te doen, voelde ik mezelf sterker en hoefde ik minder stil te staan bij mijn eigen onzekerheden en behoeften.

Ik dacht dat ik gewoon een zorgzaam persoon was. En dat ben ik ook. Maar ik ontdekte dat zorgen voor anderen soms ook een manier kan worden om jezelf niet onder ogen te hoeven komen.


Doorgaan, ook als het eigenlijk niet meer gaat

Van huis uit had ik meegekregen dat je je schouders eronder zet en doorgaat. Stilzitten was eigenlijk geen optie. Thuis zitten terwijl je ziek bent, voelde voor mij als iets wat niet mocht. Er werd bij mij sterk ingeprent dat je niet zwak moest zijn en dat "de jeugd van tegenwoordig al zo snel opgeeft".

Die overtuiging zat diep.

Dus toen mijn lichaam en hoofd steeds duidelijker aangaven dat het niet meer ging, bleef ik doorgaan.

Ik was vaak moe, sliep slecht en zorgde steeds minder goed voor mezelf. Ik raakte sneller geïrriteerd en overprikkeld en had steeds vaker het gevoel dat mijn hoofd in een soort mist zat. Dingen die ik normaal goed kon onthouden, lukten ineens niet meer. Toch bleef ik doorgaan.

Mijn huisarts en mensen om mij heen waarschuwden mij al een tijd dat ik meer aan mezelf moest denken. Zelf vond ik dat ik dat prima deed. Tot ik uiteindelijk te horen kreeg dat ik een burn-out had.

Dat vond ik moeilijk om te accepteren. Ik schaamde me en wilde vooral niet zwak zijn.

Ook toen ik thuis kwam te zitten, bleef ik zorgen en doorgaan. Ik ging thuis juist alles doen waar ik eerder geen tijd voor had gehad en bleef klaarstaan voor de mensen voor wie ik al zorgde.

Tot de praktijkondersteuner tegen mij zei dat ik echt rust moest nemen. Naar binnen moest gaan. Stil moest staan.

Maar hoe doe je dat als je dat eigenlijk helemaal niet kent?

Ik vond het ontzettend spannend om stil te vallen en te voelen wat er werkelijk met mij aan de hand was. Dingen voor mezelf doen vond ik lange tijd onzin. Ik was zo gewend om te kijken naar wat een ander nodig had, dat ik eigenlijk niet meer wist wat ík nodig had.


Leren kijken naar mezelf

Via het UWV kwam ik uiteindelijk bij een burn-outcoach terecht. Met haar ging ik wandelen in de natuur en praten. In het begin dacht ik regelmatig: wat heb ik hier nou aan? Maar langzaam begon ik dingen anders te bekijken.

Ik leerde mezelf beter kennen. Ik leerde mijn grenzen herkennen en ontdekken wat mij energie geeft en wat juist energie kost.

Ik heb tijdens mijn eigen proces verschillende vormen van begeleiding en persoonlijke ontwikkeling ervaren en onderzocht. Daardoor heb ik niet alleen geleerd over mezelf, maar ook over patronen waarin je kunt vastlopen.

Een belangrijk inzicht voor mij was dat ik lange tijd erg bezig was met anderen tevreden houden. Ik vulde vaak voor anderen in wat zij dachten en was bang om iemand teleur te stellen. Ik leerde dat je niet iedereen tevreden kunt maken en dat je jezelf niet steeds op de laatste plaats kunt zetten.

Ook leerde ik veel over de zogenaamde dramadriehoek: de patronen van slachtoffer, redder en aanklager waarin je gemakkelijk terecht kunt komen. Ik herkende daarin veel van mezelf, vooral de neiging om steeds voor anderen te zorgen en problemen voor anderen op te lossen.

Langzaam leerde ik iets wat voor mij helemaal niet vanzelfsprekend was: Eerst kijken wat ík nodig heb.

Niet omdat anderen niet belangrijk zijn. Juist omdat je pas goed voor een ander kunt zorgen als je jezelf daarin niet volledig verliest.


Mijn ervaring als jonge mantelzorger

Als jonge mantelzorger heb ik bovendien ervaren hoe alleen je je soms kunt voelen.

Toen ik begin twintig was, werd mij verteld dat ik mantelzorger was. Ik dacht eigenlijk: wat is dat?

Ik werkte al in de ouderenzorg en vond het heel vanzelfsprekend dat ik mijn moeder hielp. Toen ik voor het eerst naar een bijeenkomst voor mantelzorgers ging, voelde ik me helemaal niet op mijn plek. Ik was jong en de meeste mensen waren veel ouder. Ik voelde me bekeken en dacht zelfs: wat doe ik hier?

Toch ben ik ieder jaar teruggegaan. Langzaam leerde ik andere mantelzorgers kennen en ontdekte ik hoe waardevol het is om met iemand te kunnen praten die ongeveer hetzelfde meemaakt en in een vergelijkbare levensfase zit.

Mantelzorg gaat bovendien veel verder dan alleen zorgen voor een ouder. Je kunt zorgen voor een opa of oma, een kind, je partner, een buurman, een vriend of iemand anders die belangrijk voor je is.

Juist als je jong bent, kan er ontzettend veel tegelijk spelen: de zorg voor een ander, je werk, een relatie, je sociale leven en je eigen toekomst.

En hoe vertel je degene voor wie je zorgt dat het soms ook zwaar is? Dat vond ik zelf moeilijk. Je wilt degene van wie je houdt niet belasten met jouw zorgen.

Daarom weet ik hoe belangrijk het kan zijn om met iemand te kunnen praten die niet alleen luistert, maar ook begrijpt hoe ingewikkeld het kan zijn om voor een ander te zorgen terwijl je zelf nog volop bezig bent met je eigen leven.


Waarom Het Luisterpad?

Die ervaringen neem ik mee in Het Luisterpad.

Ik wil mijn eigen ervaring, mijn kennis en wat ik onderweg heb geleerd inzetten voor mensen die zichzelf misschien herkennen in mijn verhaal.

Niet door voor iemand te bepalen welke weg die moet volgen. Niet door te zeggen wat iemand moet doen.

Maar door een stukje mee te lopen.

Te luisteren. Mee te denken. Samen te kijken naar wat er speelt, waar je energie van krijgt, waar je tegen grenzen aanloopt en vooral: wat jij nodig hebt.

Want soms hoef je niet meteen te weten waar je naartoe wilt.

Soms is het al waardevol als iemand even naast je loopt en echt naar je luistert.

Dat is de gedachte achter Het Luisterpad.